Column Marco Visser juli 2019

 

Het ene talent

‘Wanneer het gaat om de betekenis van bijbelse grondwoorden is kennis van het Hebreeuws onontbeerlijk. Een dominee moet zijn kennis van het Hebreeuws op peil houden, wil hij niet over de mooiste en belangrijkste details heenlezen. Een dominee moet zich bedenken dat hij straks voor de rechterstoel moet verschijnen en de vraag moet beantwoorden: “Wat heb je met dat ene talent gedaan, dat ik je gegeven heb?” Als dan het antwoord na enig nadenken moet luiden: “O, de Biblia Hebraica?! Die heb ik netjes in mijn boekenkast bewaard. Ik lever mijn Tenachje u geheel ongeschonden terug!” En dan? Ga uit in de buitenste duisternis? Wie weet krijgt de dominee nog een kans om z’n Hebreeuws op te halen, want zonder kan hij of zij in de hemel niks beginnen. En zo ook op aarde.’

Aldus bijbels theoloog en exegeet Karel Deurloo. Hij heeft gelijk: het is hét talent dat je als theoloog en voorganger hebt meegekregen: de schrift, de taal, de woorden. Natuurlijk komt er in het vak nog heel wat meer bij kijken – van systematische reflectie, kerkgeschiedenis en pastoraat tot spreken in het openbaar –, maar het begint en eindigt hier: lezen en luisteren, de woorden proeven. Letterlijk ‘liefdewerk oud papier’, tot het gaat glanzen, tot je een nieuwe, actuele betekenis van de aloude tekst vindt. Soms heb ik eerder het gevoel dat het andersom is: dat die mij vindt.

En daarom, ja, je Hebreeuws en Grieks bijhouden. Het wordt wel eens elitair gevonden, of afgedaan als studeerkamergeleerdheid. Maar het is praktisch. Het is juist omdat je met beide benen in de samenleving staat, omdat je mensen serieus wilt nemen. Voorbeeld: ik organiseer Bijbeltafels in de kroeg, gewoon bij ons in het dorp. Groepjes mensen rond een tafel met een kop koffie en een goed glas. Samen lezen. De mensen met wie ik daar zit, zijn zoekend. Vaak helemaal niet vertrouwd met het verhaal, de klassieke verwoordingen voldoen niet meer, voor zover überhaupt nog bekend. Men is op zoek naar nieuwe taal voor wat anno 2019 geloofwaardig is. Natuurlijk ga ik niet van bovenaf zitten uitleggen hoe het zit, maar het werpt toch niet zelden nieuw licht op de dingen als ik vertel wat er staat en wat er niet staat. Dat wil het gesprek en het samen zoeken nogal eens verder helpen.

En over praktisch gesproken, het citaat van Karel Deurloo is uit een artikel over... de kinderpreek.

Op woensdag 6 november organiseren wij op de PThU Amsterdam het grote grondtalendebat: ‘Waarom in hemelsnaam moet een predikant Hebreeuws en Grieks kennen?’ Predikanten Jan Offringa (van het netwerk Liberaal Christendom) en Ad van Nieuwpoort (de Nieuwe Bijbelschool) gaan het gesprek aan. ‘Nergens voor nodig’ tegenover ‘het kan niet zonder’. Mis het niet. Van 15:00 tot 16:30 uur, borrel na afloop.

Marco Visser